De schilderijen die zich in de vaste collectie van het Museum het Catharijne Convent in Utrecht bevinden zijn geschilderd in een tijd waarin men op een vakkundige manier omging met schildermaterialen. Ze bestaan meestal uit een groot aantal lagen, waarvan wij bij oppervlakkige bestudering, alleen de bovenste zien. Men bouwde schilderijen laagje voor laagje op om te komen tot speciale optische effecten die wij zo vaak aan oude schilderijen bewonderen. In deze serie van masterclasses leer je allereerst door de bovenste laag heen kijken, om stapje voor stapje de ui af te pellen tot de ondergrond toe.
Op die manier wordt de ondertekening zichtbaar, en hier en daar ook de onderschildering, maar ook het verschil tussen dekkende lagen en glaceerlagen. Na deze bestudering volgt een practicum waarin we de omgekeerde weg gaan en laagje voor laagje proberen op te bouwen om te komen tot een vergelijkbaar resultaat. Je krijgt hierdoor heel snel meer inzicht in hoe oude schilderijen zijn geschilderd. Het zien en doen bevordert zeker ook het kijkplezier in de toekomst. De eerste uit de cyclus materclasses start op vrijdag 26 maart en gaat over eitempera. Hoe zijn tempera-schilderijen tot stand gekomen? Op wat voor een ondergrond? Hoe maak je tempera? Hoe werd ermee geschilderd?
Inschrijven via Catharijne Convent. Er is een maximaal aantal deelnemers en vol=vol.
bron: www.oudeschildertechnieken.nl
|